Inleiding
Dit is een verhaal over ontwikkeling, over dromen over de toekomst en de mogelijkheden bezien zoals ze zitten in het DNA van het huidige tijdframe. Dit verhaal is bezien door de ogen en geest van Erik Mols, de CEO van OS-SCi.
De Landlijntelefoon: De Onzichtbare Revolutie die de Wereld Verbond
Voordat er mobiele telefoons bestonden, voordat we droomden van apparaten die in onze zak pasten, was er een stilzwijgende revolutie gaande—een revolutie die begon met draden, houten kastjes en een simpele, maar baanbrekende gedachte: mensen op afstand met elkaar laten praten alsof ze in dezelfde kamer waren. De uitvinding van de landlijntelefoon was niet het werk van één persoon, maar van een reeks visionairs die weigerden te geloven dat afstand een belemmering moest zijn. Alles begon in 1876, toen Alexander Graham Bell de eerste bruikbare telefoon patenteerde. Zijn apparaat was onhandig, met een microfoon aan de ene kant en een schel hoortoestel aan de andere, maar het werkte. Voor het eerst in de geschiedenis kon een menselijke stem instantaan over kilometers worden overgebracht, zonder tussenkomst van brieven of telegraafcodes. Bell’s eerste woorden, "Mr. Watson, come here, I want to see you", waren niet alleen een test, maar een voorspelling van een wereld die kleiner zou worden.
De landlijntelefoon groeide uit tot het zenuwstelsel van de moderne samenleving. In de late 19e en vroege 20e eeuw verschenen telefoonpalen als reusachtige bomen langs straten, en huiskamers kregen een plekje voor het zwarte, bakelieten toestel dat generaties zou verbinden. Het was geen toeval dat telefooncentrales, bemand door vrouwen die met stekkers verbindingen maakten, de eerste "sociale netwerken" werden, plaatsen waar gesprekken niet alleen werden doorverbonden, maar waar ook roddels, noodkreten en liefdesverklaringen werden uitgewisseld. De telefoon veranderde hoe we werkten (zakelijke afspraken konden nu in minuten worden gemaakt), hoe we van elkaar hielden (stemmen van geliefden klonken plotseling dichtbij, zelfs als ze ver weg waren), en hoe we leefden (noodhulp kon sneller worden ingeschakeld). En terwijl de technologie evolueerde, van draaischijftelefoons naar toetsenborden, van partijlijnen naar private lijnen, bleef de belofte hetzelfde: verbinding.
Maar de landlijn was meer dan alleen een apparaat. Het was een symbool van vooruitgang, een teken dat de wereld niet langer beperkt was tot de fysieke ruimte om ons heen. Het legde de basis voor alles wat volgde: de mobiele telefoon, het internet, en uiteindelijk de droom van één apparaat dat alles kon. Zonder die eerste draden, zonder die eerste krakende stemmen, was de weg naar de Fairphone 6 met Lomiri ondenkbaar geweest. Want elke keer dat we nu een telefoontje plegen, een berichtje sturen of een videogesprek starten, zijn we nog steeds bezig met wat Bell begon: de wereld dichterbij halen.
De Vonk: Van Sciencefiction naar Werkelijkheid
In 1966, toen Star Trek voor het eerst op televisie verscheen, kon niemand bevroeden dat de flip-telefoon van Captain Kirk ooit de inspiratie zou worden voor de eerste mobiele telefoon. Martin Cooper, de uitvinder van de Motorola DynaTAC 8000X, had het zelf gezegd: "Ik wilde dat mensen konden praten waar ze ook waren, net als in Star Trek." Maar Erik wist dat de echte droom verder ging dan alleen bellen. Het ging om één apparaat dat alles kon. Een apparaat dat niet alleen communiceerde, maar ook werkte, creëerde en zich aanpaste aan de behoeften van de gebruiker, of je nu op een klein scherm tikte, achter een groot bureau zat, of door een virtuele wereld liep.
De eerste smartphones, zoals de IBM Simon in 1994, waren onhandige pogingen om die droom te verwezenlijken. Ze waren groot, traag en duur. Maar ze beloofden iets groots: de samensmelting van telefoon en computer. Toen Steve Jobs in 2007 de iPhone onthulde, was het alsof de toekomst plotseling binnen handbereik lag. Maar Erik zag een probleem. Apple en Google creëerden gesloten tuinen, waar gebruikers gevangen zaten in ecosystemen die hen dicteerden hoe ze hun apparaten moesten gebruiken. Waar was de vrijheid? Waar was de keuze?
Canonical’s Gok: Ubuntu Touch en de Belofte van Convergentie
In 2013 waagde Canonical, het bedrijf achter Ubuntu, een radicale stap. Ze lanceerden Ubuntu Touch, een besturingssysteem dat niet alleen op telefoons draaide, maar ook op desktops, tablets en alles daar tussenin. Het idee was simpel: dock je telefoon op een scherm, sluit een toetsenbord en muis aan, en je had een volledige computer. Geen twee apparaten meer, geen twee besturingssystemen, alleen één device, één ervaring. Unity 8, de gebruikersinterface, was ontworpen om naadloos te schalen, van een 5-inch scherm naar een 27-inch monitor.
Erik herinnerde zich nog de opwinding toen hij voor het eerst een demo zag. "Dit is het," dacht hij. "Dit is de toekomst." Maar de markt was nog niet klaar. Canonical trok zich in 2017 terug, en het project leek ten dode opgeschreven.
Gelukkig was er Ubports.
De Rebellen: Hoe een Community de Droom Redde
Toen Canonical stopte met Ubuntu Touch, stond een groep gepassioneerde ontwikkelaars op. Ze noemden zichzelf Ubports, en ze weigerden te accepteren dat het verhaal hier eindigde. Ze namen de code over, verbeterden het, en bouwen sindsdien aan een open, vrij alternatief voor Android en iOS. Maar ze deden meer dan alleen een besturingssysteem in stand houden, ze creëerden een kraamkamer voor innovatie. Ubuntu Touch was meer dan alleen maar een besturingssysteem, het bevatte ook de door UBports ontwikkelde Halium laag, welke essentieel is in vrijwel alle andere Android vervangers.
Centraal in hun visie stond Lomiri, de opvolger van Unity 8. Lomiri was niet zomaar een interface; het was een belofte. Een belofte dat je telefoon niet alleen een telefoon hoefde te zijn. Dat je ‘s ochtends je berichten kon checken op een klein scherm, ‘s middags je werk kon doen op een groot scherm, en ‘s avonds kon duiken in een virtuele wereld met een 3D-bril, allemaal met hetzelfde apparaat.
Erik zag het potentieel. Dit was niet alleen een technologische doorbraak, maar een sociale revolutie. Voor neurotypische mensen, neurodivergente mensen met autisme of hoogbegaafden die zich thuis voelden in de wereld van open-source, voor iedereen die wilde ontsnappen aan de gesloten systemen van Big Tech.
Het Hart van de Revolutie: Lomiri en de Kracht van Open Source
Lomiri was anders. Het was modulair, wat betekende dat apps zich automatisch aanpasten aan het scherm waar ze op werden weergegeven. Het was privacy-vriendelijk, zonder achterdeurtjes of dataverzameling. En het was open, zodat iedereen kon bijdragen, verbeteren en innoveren.
Stel je voor: je loopt de deur uit met een Fairphone 6 in je zak, een telefoon die niet alleen duurzaam en ethisch was geproduceerd, maar ook draaide op Ubuntu Touch met Lomiri. Thuis aangekomen, zet je hem in een dockingstation, en plotseling heb je een volledige desktop-ervaring. Je opent je favoriete ontwikkelomgeving, werkt aan een project, en als je een pauze neemt, zet je een VR-bril op en belandt je in een 3D-omgeving waar je je ontwerpen in de ruimte kunt bekijken. Geen verschillende apparaten, geen verschillende besturingssystemen, alleen één naadloze ervaring.
Maar om deze droom waar te maken, waren mensen nodig. Niet alleen ontwikkelaars, maar ook mentoren, docenten en vrijwilligers die nieuwe generaties konden opleiden. Dat was waar OS-SCi om de hoek kwam kijken.
De Missie van OS-SCi: Opleiden voor de Toekomst
Erik leunde achterover in zijn stoel. OS-SCi was niet zomaar een organisatie. Het was een brug tussen educatie en innovatie. Hij zag voor zich hoe de dagbestedingsprogramma’s voor autistische hoogbegaafden in Tilburg zouden werken: een ruimte waar deelnemers niet alleen leerden programmeren, solderen en 3D-printen, maar ook bijdroegen aan echte projecten, zoals Ubuntu Touch en Lomiri.
"We kunnen ze niet alleen leren hoe ze code moeten schrijven," dacht hij. "We moeten ze leren hoe ze de toekomst kunnen vormgeven."
- Praktijkervaring: Deelnemers zouden werken aan bug bounties voor Ubuntu Touch, zoals het testen van de Fairphone 6 en het documenteren van verbeteringen.
- Certificeringen: OS-SCi kon samenwerken met onafhankelijke organisaties om certificeringen aan te bieden, geen dure diploma’s, maar erkende vaardigheden die de deur openden naar een carrière in open-source.
- Gemeenschap: Een helpdesk waar deelnemers niet alleen hulp boden aan bezoekers, maar ook elkaar ondersteunden, in een omgeving waar verschillen werden gevierd in plaats van gevreesd.
- Herintreders en werkzoekenden: Vanaf november 2025 is OS-SCi een officieel partner van de UWV en biedt OS-SCi via de UWV opleidingen aan, aan werkzoekenden.
En dan was er nog de FOSS Career Foundation, die studiefondsen zou beheren voor deelnemers die verder wilden leren. Met een lening konden ze zich specialiseren in Linux, beveiliging, of app-ontwikkeling voor Lomiri, vaardigheden die niet alleen waardevol waren voor henzelf, maar voor de hele community.
Het Eindplaatje: Één Apparaat, Oneindige Mogelijkheden
Erik sloot zijn ogen en stelde zich voor hoe het zou zijn. Avatar Henk, een baardige veertiger met een passie voor technologie, loopt binnen met zijn Fairphone 6, die draait op Ubuntu Touch. Hij dockt hem aan op een werkstation, opent Lomiri, en begint te werken aan een nieuwe app. Later die dag helpt hij een bezoeker met het installeren van Linux op een oude laptop. ‘s Avonds neemt hij zijn telefoon mee naar huis, zet hem in een VR-dock, en verdwijnt in een digitale wereld die hij zelf heeft helpen bouwen.
Dit was geen fantasie. Dit was de toekomst die ze aan het bouwen waren.
Maar er was nog werk aan de winkel. Nieuwe vrijwilligers moesten worden opgeleid. Documentatie moest worden geschreven. En bovenal: de community moest groeien.
"We hebben niet alleen technologie nodig," mompelde Erik. "We hebben mensen nodig die geloven in de kracht van open source. Mensen die snappen dat vrijheid niet iets is wat je krijgt, het is iets wat je bouwt."
Hij pakte zijn Fairphone 6, met Ubuntu Touch en Lomiri en opende de interface. Het scherm lichtte op, klaar voor actie. De toekomst was niet ver meer.